Schrijven voor het web

We lezen anders op een beeldscherm dan op een blad papier. We scannen de tekst, en lezen niet alles woord voor woord. Dit doen we omdat we doelgericht lezen. Een website bezoeken we om een specifieke taak te volbrengen. Daarom vervult elke pagina een functie en zijn webteksten kort, eenvoudig en doelgericht.

Ik zet kort enkele tips op een rijtje voor goede tekstopbouw op je webpagina:

  • Vermits je leest van links naar rechts, lijn je tekst best ook zo uit. Ook een navigatie of zijbalk, zet je best aan de linkerkant.
  • Zet je belangrijkste informatie steeds boven de ‘fold’. Dat is de denkbeeldige vouw op je pagina. Dat is het punt waarop de rest van de pagina verborgen zit onder het scherm. Deze term komt eigenlijk van nieuwskranten, waar dezelfde regel van toepassing is. Helaas kan je de vouw op een website moeilijk voorspellen. Omdat beeldschermen nu eenmaal verschillen van gebruiker tot gebruiker.
  • Elke tekst bevat bij voorkeur één onderwerp.
  • Schrijf je teksten kort en bondig. Maak je alinea’s niet te lang. En zet de belangrijkste inhoud in de eerste zin. Je kan meer in detail treden in de alinea’s die er op volgen.
  • Gebruik korte zinnen. Een eenvoudig trucje is om een komma te vervangen door punt. Schrijf enkelvoudige zinnen en gebruik actieve taal.
  • Breng voldoende structuur in je tekst. Gebruik opsommingen en bullet points wanneer mogelijk. En wissel regelmatig af met een tussentitel.
  • Je mag spreektaal gebruiken in je webteksten. Gebruik bij voorkeur jij, je, wij en we vormen.
  • Zet jezelf steeds in het standpunt van je lezer.
  • Verwerk in je tekst goede zoekwoorden. Gebruik synoniemen en leg je alles correct uit. Zet je belangrijkste zoekwoorden in de titels.
  • Leg hyperlinks naar andere pagina’s. Vermijd woorden zoals “klik” en “hier”. Geef de links een zinvolle omschrijving.